Hoe werkt een elektrische fiets?

Je ziet ze steeds vaker: elektrische fietsen. Terwijl jij je in het zweet werkt word je aan alle kanten fluitend ingehaald door een fiets met een accu onder de bagagedrager. In dit artikel geven we antwoord op de vraag: hoe werkt een elektrische fiets eigenlijk?

Een elektrische fiets is in feite een gewone fiets, uitgerust met een accu, motor en display. De accu is doorgaans gepositioneerd onder de bagagedrager of aan de verticale buis onder het zadel. Elektrische fietsen zijn uitgerust met een voorwielmotor of een middenmotor. In mindere mate tref je de motor in het achterwiel. Dit zijn meestal transportfietsen of speed pedelecs.

Positie van de motor

De positie van de motor is bepalend voor het karakter en rijbeleving van de elektrische fiets. Een voorwielmotor geeft het gevoel dat je voortgetrokken wordt. Voor wie korte afstanden fietst voldoet een voorwielmotor. Voorwielmotoren zijn voordeliger in aanschaf dan een middenmotor, vanwege de minder gecompliceerde techniek. De motor zit gemonteerd in de naaf van het voorwiel. Wanneer de accu een keertje per ongeluk leeg is heb je geen probleem: voorwielmotoren zijn uitgerust met een vrijloop. Zonder trapondersteuning heb je hierdoor geen weestand van de motor.

Stel je meer eisen aan een elektrische fiets? Dan is een middenmotor een verstandige keuze. Middenmotoren zijn ook geschikt voor heuvelachtig terrein, waardoor ze zeker bij fietsvakanties in de bergen een trouwe reisgezel zijn. Een middenmotor is geplaatst rondom de trapas. Zodra je de trappers ronddraait meet een trapkrachtsensor de benodigde ondersteuning. Doordat de motor laag en centraal geplaatst is, blijft de fiets goed in balans en stabiel. Met name senioren kiezen hierdoor voor een middenmotor.

Zodra je de trappers in beweging zet wordt dit opgepikt door een sensor. Op dat moment geeft de motor door hoeveel trapondersteuning er geboden moet worden. De trapondersteuning is in te stellen op meerdere standen. In de regel geld: hoe hoger de ondersteuning, hoe korter de actieradius. De actieradius geeft aan hoeveel kilometer je op één volle accu, dus zonder bij te laden, kunt fietsen.

Versnellingen en aandrijving

Elektrische fietsen beschikken over een naaf- of derailleurversnelling. Een naafversnelling zit ingebouwd in de naaf van het achterwiel. Je wisselt van versnelling doordat tandwielen van positie veranderen. Een naafversnelling vraagt iets minder onderhoud dan een derailleur, omdat het versnellingsmechaniek in de naaf is verwerkt. Met een naafversnelling is een onderhoudsarme gesloten kettingkast mogelijk. Vuil en stof krijgen geen grip op ketting, waardoor deze minder vaak gereinigd moet worden.

Een derailleurversnelling kennen we van racefietsen en mountainbikes. Een achterderailleur zit bij de kettingwielen (cassette) op het achterwiel. Deze derailleur heeft vrijwel altijd twee kettingwieltjes waarover de ketting geleid wordt. Deze wieltjes worden door een veermechanisme naar achteren gedrukt zodat de ketting bij het kiezen van de verschillende combinaties voortdurend onder spanning blijft. De achter derailleur regelt dus de spanning, en beweegt met de grootte van de kettingwielen mee; voor het grootste kettingwiel is immers meer ketting nodig dan het kleinste kettingwiel. Omdat het een open systeem is vraagt een derailleurversnelling meer onderhoud.